Columns

Onder de titel Uit het dagboek van een schrijfcoach heb ik een jaar lang een maandelijkse column geschreven op het Plusgedeelte van www.schrijvenonline.org. Je kunt de twaalf columns hier lezen.

EERST ZIEN DAN GELOVEN

Van iemand die mijn columns leest, krijg ik een mail met als bijlage een kort verhaal. De schrijfster ervan wil graag weten of  ze de emoties en de karakters van haar personages voldoende heeft uitgewerkt.
Het is een origineel en spannend verhaal maar de personages roepen vragen bij me op. Waarom is die zachtmoedige man zo lang bij die meedogenloze vrouw gebleven? Waarom kiest die moeder partij voor haar ex-schoonzoon en niet voor haar dochter?  Waarom beraamt die moeder een moord?

GOED IDEE

Ik moet een column schrijven over schrijfcoaching, maar mijn hoofd staat er niet naar. Dat staat op het ogenblik alleen naar mijn eigen schrijfproblemen. Eigenlijk zou ik zelf wel een coach kunnen gebruiken. Want wat is het geval?

STIJL BEN JE ZELF

Ik heb een lunchafspraak met een schrijfvriendin om haar een boek te geven dat ik, op haar verzoek, uit Amerika meenam. On writing well van William Zinsser.
Terwijl ik op haar wacht, blader ik het door. Ik had nog nooit van het boek gehoord maar het blijkt al bijna veertig jaar over de toonbank te vliegen.
Als mijn vriendin belt dat ze in een file staat, stop ik met bladeren en begin ik op pagina 1. Een tijd later kijk ik verdwaasd op...

APPELTAART

‘Van wie bende gij d’r ene?’ is een project van het Bossche archief en de stadsbibliotheek.
Het archief geeft informatie over stamboomonderzoek en ik mag namens de bibliotheek een workshop verzorgen over het schrijven van familieverhalen.
Als de dag daar is, kijken de heren, en een enkele dame, mij verwachtingsvol aan. Ze hebben hun stamboom uitgezocht (of gaan dat binnenkort doen) en willen nu weten hoe je daarvan een verhaal knutselt. In de folder is dat immers beloofd: Hoe maak je van droge stamboomgegevens een bruisend familieverhaal?

DE WERKER EN DE BAAS

We zijn met vakantie in Amerika en in San Francisco loop ik Borders Books & Music binnen. Volgens mijn reisgids heeft deze winkel ‘ongeveer alles in huis.’
Het is alsof ik de Bijenkorf binnenstap, maar dan een Bijenkorf vol boeken. Roltrappen verbinden vier verdiepingen. Boeken, boeken, boeken waar ik maar kijk. En comfortabele stoelen en banken waarop mensen zitten te lezen. Een mevrouw is in slaap gevallen, het boek glijdt van haar schoot.

SCHRIJVER OF SCHRIJFCOACH?

‘Wat vind je leuker?’ vroeg iemand: ‘Schrijven of schrijfcoaching.’ Daar moest ik even over nadenken.
Er zijn weinig dingen die ik leuker vind dan schrijven, nou ja lezen misschien. Maar voor mij is schrijven eigenlijk een vorm van lezen, want elke pagina is nieuw. Ik zet een personage in een situatie, vraag me af wat hij wil of wat hij ervaart en dan ontwikkelt zich zin voor zin een logisch gevolg. Dat maakt het schrijven uitermate spannend want er verschijnen dingen op mijn scherm die ik niet bedacht heb.

DAT. IS. EEN. WET.

Een telefoontje van iemand die vast zit in zijn verhaal. Heb ik tijd om er eens naar te kijken? Omdat ik vorige week een eigen boek heb afgerond, heb ik inderdaad tijd.
We maken een afspraak en ik vraag de man zijn manuscript te mailen. Nog dezelfde avond krijg ik het gevraagde.
Het openen van zo’n mail is altijd spannend. Kan deze man schrijven? En kan ik hem losmaken uit datgene waarin hij verstrikt is geraakt?

KLUSJES

Vandaag is een dag van kleine klusjes. Bij het tikken van deze zin denk ik aan mijn overleden schoonvader. Hij was een scherpslijper op taalgebied en zou gezegd hebben: ‘Dat moeten dan wel heel erg kleine klusjes zijn.’ Hij had gelijk. Strikt genomen, is kleine in samenhang met een verkleinwoord overbodig. Een dag van klusjes dus.

FEEDBACK

In de eerste les van mijn cursus Schrijven over vroeger vragen twee cursisten om ‘stevige feedback’. Een van hen heeft eerder een cursus gevolgd en daar was alles wat hij schreef ‘goed’. Daar schoot hij dus niets mee op. De tweede cursist, ook een man, sluit zich bij hem aan. Hij wil weten hoe hij zijn zakelijke stijl persoonlijker kan maken, maar zegt bij voorbaat dat hij eigenwijs is en zijn mening niet snel weg geeft voor een betere.

ERG

Een telefoontje van een mevrouw die in de krant iets heeft gezien over mijn cursus Levensverhalen schrijven. Ze barst meteen los. Zij heeft pas een levensverhaal te vertellen! Ze ligt in scheiding en haar man manipuleert, liegt, bedriegt, zet de kinderen tegen haar op en iedereen gelooft hem! In een nauwelijks te onderbreken woordenstroom vliegen de voorvallen en de uitroeptekens me om de oren.
Met moeite wring ik mijn vraag ertussen: ‘En u wilt dat opschrijven?’

WERKWIJZE

Op dit moment begeleid ik een schrijfster die werkt aan een roman, maar langzamerhand het spoor daarin bijster is geraakt. Ik mag haar helpen om dat terug te vinden en vast te houden.
Het uitgangspunt van het manuscript is prima. De hoofdpersoon verkeert in lastige omstandigheden en zoekt een manier om daar uit te geraken. Daarmee is voldaan aan een belangrijke literaire wet, namelijk dat een personage altijd een strevend personage is.
Thomas Rosenboom die deze wet in Aanvallend Spel noemt, formuleert ook een tweede wet: ‘In een goede roman veroorzaakt het streven van de hoofdpersoon altijd een strijd.’

SCHRIJVERS WILLEN GELEZEN WORDEN

In de yogales deel ik folders uit over mijn nieuwe cursus. Geïnteresseerden kunnen overal zijn, dus waarom niet in mijn yogagroep?
‘Je noemt jezelf schrijfcoach,’ zegt mijn yogaleraar terwijl hij de folder bekijkt. ‘Wat is dat precies?’